Home » Ruis en Hoge ISO's

Ruis en Hoge ISO's

Gepubliceerd op 3 april 2020 om 15:40

Ik start met een bekentenis: ik ben een daglicht fotograaf of beter met de Engelse term “available light”. Beschikbaar licht dus. Dit in tegenstelling tot toegevoegde lichtbronnen, met name flitslicht of studiolicht. Let wel: dit is geen absoluut gegeven, in bepaalde omstandigheden ben ik wel flexibel hierin. Ik verklaar mij nader voor zover dit nodig zou zijn: ik verkies heel vaak te werken met het aanwezige licht, zelfs als de omstandigheden moeilijk zijn omdat naar mijn idee de natuurlijke lichtval en daarbijbehorende schaduwen “natuurlijker” aandoen dan kunstlicht. Maar deze blog gaat niet over mijn persoonlijke voorkeur, het gaat over de consequenties die ik er met mijn natuurlijk licht dikwijls moet bijnemen, namelijk het omgaan met hoge ISO’s en de mogelijke aanwezigheid van ruis in je foto. 

 

 

Onderstaande foto is opgenomen in een klein slaapkamertje in Brussel. Het model (Kaluuna Moon) lag op het bed, ongeveer 2 meter van het aanwezige raam. Om deze opname te maken had ik dan ook 12.800 ISO nodig. De foto heeft als print op een tentoonstelling gehangen in Herk-de Stad. (formaat 60x40cm)  NB: indien de ontblote lichaamsdelen u zouden storen dan gelieve dat te melden. 

 

Mijn doel met deze blog is om mijn ervaringen met ruis met jullie te delen.

 

  • Ruis is niet hetzelfde als korrel. Korrel is een gegeven uit de analoge fotografie, ruis is een begrip dat ontstaan is in de digitale fotografie. Korrel heeft te maken met de analoge film en zijn ontwikkelingsprocédé, ruis wordt “gecreëerd” door de sensor. Later meer hierover.
  • De meeste ruis ga je terugvinden in de schaduwpartijen, of de minst belichte delen van je foto zijn het meest vatbaar voor ruis. Tracht er dus voor te zorgen dat je foto niet onderbelicht is. Je hebt drie parameters waarmee je de belichting kan regelen: diafragma, sluitersnelheid en ISO. Je bevindt je in een schaars verlichte omgeving en je hebt geen flitslicht ter beschikking, dan moet je creatief omgaan met je parameters. Je kan je diafragma zover mogelijk open zetten om zoveel mogelijk licht binnen te laten, met beperkte scherptediepte als gevolg. Hierin ben je begrensd door de lichtsterke eigenschappen van je objectief. Het verschil tussen een f4.0 of een f1.4 objectief zijn dan 3 stops wat een wereld van verschil kan opleveren.
    Je kan kiezen voor een langere belichtingstijd, wat zeker een grote rol speelt als je zonder statief werkt, dus ook hierin ben je begrensd.
    Dan blijft nog de mogelijkheid om te spelen met je ISO-waarden. Mijn grondregel is dan om te kiezen voor een hogere ISO-waarde, liever dan voor een onderbelichte opname. We spreken hier wel degelijk over RAW-opnames. Dus beter goed belicht (met een hoger ruisrisico) dan een onderbelichte opname. Nu zullen de kwaliteiten van je sensor de dienst uitmaken. 
  • De digitale camera deed zijn intrede bij het grote publiek in het begin van deze eeuw. Deze camera’s waren zeer beperkt in hun omgang met ruis. Ik bezit nu nog een Leica Digilux3, een heerlijk toestel dat niet te evenaren fijne beelden produceert maar je bereik ligt tussen de 100 en 400 ISO, hoger wordt het reeds riskant. Dit stadium zijn we reeds lang gepasseerd en de constructeurs goochelen nu met waarden tot 25600 en zelfs nog hoger. Met een hedendaagse full frame-camera zijn waarden als 12800 goed handelbaar, als je je RAW’s goed bewerkt. En hier wordt wel degelijk de kwaliteit van je camera op de proef gesteld, hier ligt het verschil tussen een instapmodel van €300 en een professioneel model van €3000. Dat prijsverschil ga je niet merken bij mooi-weer-plaatjes op een zomers terrasje.  Dus heb je een recent middenklasse toestel of beter ga dan zeker eens experimenten met hoge ISO’s. Dus de leeftijd en de klasse van je camera is in deze zin belangrijk. 

 

Onderstaande opname gemaakt met de Leica Digilux 3 uit 2006, dit om de fijnheid van de structuren aan te tonen bij de toenmalige sensoren. Deze sensor wordt nu niet meer gebruikt.... Ruis trad wel op vanaf 800 ISO, dus een mooi-weer-camera. 

  • Dan komen we bij de nabewerking van je RAW opnames en ook hierin kunnen we weer een groot onderscheid maken tussen de verschillende RAW-converters. Elk bewerkingsprogramma heeft zijn kwaliteiten en zijn sterke en zwakke punten. Hier gaat het nu specifiek over het omgaan met ruis in de opname. Al wie mij een beetje kent weet dat ik een voorliefde heb voor Capture One Pro en dat al meer dan 5 jaar. En het onderscheid is significant, je haalt veel meer uit je files met dit bewerkingsprogramma dan met bijvoorbeeld Lightroom om maar een ander populair programma  te noemen. Hier geldt weer hetzelfde dan in voorgaand punt: hoe hoger je de lat legt, hoe meer het verschil in kwaliteit bovenkomt. In deze optiek: als je met extreem hoge ISO-waarden gaat spelen, ik spreek nu over waarden boven de 8000 ISO, dan ga je het verschil duidelijk merken. 
  • Ik heb beloofd om terug te komen op de begrippen ruis en korrel. Als je veel ruis hebt in een foto, dus bijvoorbeeld in de schaduwpartijen, dan kan je in je nabewerking korrel toevoegen om je ruis te verdoezelen. Je kan dit zowel doen in Lightroom, in Photoshop of in Nik Silver Efex,… om er maar enkelen te noemen. 
  • Nog een trucje is om de donkerste partijen zwart te laten of alleszins zo donker mogelijk (net niet toegelopen zoals men dat noemt) want ik de zwarte delen gaat de ruis ook veel minder duidelijk zichtbaar zijn. 

 

 

 

 

 

Een voorbeeld van het (discrete) gebruik van toegevoegde korrel om de aanwezige ruis en andere oneffenheden te camoufleren. 

 

Toemaatje: de lichtgevoeligheid van je film wordt in de analoge film uitgedrukt in ASA of in DIN waarden, waarbij 100 ASA overeenkomt met 100 ISO en met 21 DIN. Het begrip DIN (Deutsches Institut für Normung) is nu volledig in onbruik geraakt. Door te spelen met de lichtgevoeligheid van de film en het aanpassen van de ontwikkelaar/ontwikkeltijd/ontwikkeltemperatuur/verdunning kon je je film gaan opwaarderen naar hogere ISO waarden, bijvoorbeeld een 400 ISO film opwaarderen naar een 3200 ISO film. Het leven is toch eenvoudiger geworden want nu moet je alleen maar aan een klopje op je camera draaien en de lichtgevoeligheid van de sensor wordt aangepast. 

 

Good luck! 👍 

By the way: dit onderwerp mag gerust stof voor discussie zijn…

 

COPYRIGHT voor beelden en tekst: © Stefan Alen

 


« 

Reactie plaatsen

Reacties

Guido Lochy
8 maanden geleden

De belangrijkste factor is toch ook de sensor grootte. Hoe groter het aantal megapixels des te minder plaats heeft elke pixel op de sensor. Kleinere pixels gaan minder lichtpartikels capteren en hoe kleiner de pixel hoe meer ruis mogelijk.

Stefan
8 maanden geleden

Daar heb je zeker een punt, Guido, de sensor zelf en meer nog de relatie tussen de grootte van de sensor en het aantal pixels in de sensor. Dat heb ik een beetje bedoeld in mijn paragraaf over de sensor maar ik ben daar niet op ingegaan. Dat is weer een verhaal apart, want dan moet je het zeker ook hebben over de software die erachter zit, en die ook heel belangrijk is in de omgang met ruis. Bedankt voor je reactie.
Stefan

Filip
8 maanden geleden

Dag Stefan,
Kan je aan de hand van een voorbeeld het verschil aantonen tussen Capture 1 en Lightroom? Daar ben ik wel eens benieuwd naar.

Stefan
8 maanden geleden

Dat is een goed idee, Filip. ik heb dat al ooit getoond maar dat staat nu op de to do-lijst voor een volgende Blog. Groetjes en bedankt voor de reactie.
Stefan